|
Hoofdstuk 8
Het schavot komt
dichterbij
Het is een vaak herhaald feit in de geschiedenis
dat een enkel individu, werkend in een enkele kamer de loop van de geschiedenis
kan veranderen. De H. Filippus Neri, de H. Theresa van Lisieux, Marie Curie,
Louis Pasteur, Alexander Graham Bell, Edison, Marx, Lenin.
Pater Gruner had zijn intrede op het
internationale vlak gemaakt en het resultaat was dat de boodschap van Fatima
over heel de wereld verspreid werd. De voorwaarden waaronder dit alles
plaatsvond, verdienen het speciaal vermeld te worden.
Vanaf het prille begin waren vrijwilligers die
uitgenodigd werden belangrijke taken te vervullen, verrast door het gebrek aan
elementaire middelen voor het apostolaat. Dit was een magere operatie met
schamele middelen voor iedereen.
Jane McAuley, die Pater Gruner ontmoet had
tijdens zijn tournee met de pelgrimerende Madonna in Niagara Falls in mei 1983,
beantwoordde diens vraag om hulp en arriveerde aan de bushalte in Ottawa later
in het jaar, om 5:30 op een julimorgen, met niets anders dan zijn
telefoonnummer op een papiertje om de toekomst in te gaan.
Hij woonde en werkte toen in vier kleine kamers
in Rochester Street, twee boven, twee beneden. Zij herinnert zich dat de
vensters bedekt waren met een purper materiaal dat iemand hem gegeven had.
"Ik zit nog niet in het vagevuur," was haar
eerste opmerking.
De werkomstandigheden leken haar woorden tegen
te spreken. Hij had een kleine werkkamer voor zichzelf met twee bureaus, de
keuken bevatte drie kasten, een ijskast, een bureau, een petroleumkachel en een
lavabo met een medicijnkastje. Haar nieuwe baas at één maal per
dag.
"Zijn er regels ?" vroeg ze, waarop hij
antwoordde, "Drie rozenkransen per dag en een dagelijkse H.Mis."
Natuurlijke en bovennatuurlijke krachten
knaagden aan de zenuwen van de werkers op een dagelijkse basis. De "Oude
Jongen" met de rode staart was altijd bezig de werkers tegen elkaar op te
zetten, de kamers met spanning te vullen, geduld te testen en uitvluchten te
zoeken voor medewerkers. En de duivel orkestreerde soms ook kleine
grote dramas.
"Nadat we op een dag de correspondentie
geschreven hadden, gingen Pearl Gerneau, haar dochter Cathy Sene en ik om
eten." vertelt Jane. "Ik reed en miste mijn afslag, ik wou de volgende straat
nemen toen er plots iemand in het midden van de straat voor me stond. Ze
schreeuwden: Stop, je gaat hem aanrijden! Maar ik wist dat ik niet
moest stoppen. Ik zei: Nee, ik ga door hem heen rijden."
En dat deed ze ook, maar niet zonder een beeld
te zien dat haar tot vandaag is bijgebleven.
"Een vuurbal kwam uit de mond van deze man en
kwam recht naar de wagen, toen was hij weg. Zo maar. Ik reed door waar hij
zoeven nog gestaan had, zonder zelfs te vertragen. s Morgens zag ik dat
de ruitenwissers verwrongen waren."
Vuile melodramas hadden echter niet de
duivel nodig als regisseur. Het kwam uit de richting van een van die vrome
antagonisten die zich aan de rand van nieuwe apostolaten ophouden, erop
verlekkerd die te vernietigen als ze de dingen niet op hun manier doen. Dit
specifiek individu, die berucht was voor de grondigheid waarmee hij de
reputatie van priesters aan flarden reet, die zijn zelfuitgeroepen heiligheid
niet erkenden, volgde Jane doorheen heel de stad.
"Hij probeerde me bang te maken," herinnert Jane
zich, "als we bijvoorbeeld naar het postkantoor gingen, zaten ze op de parking
alles wat we deden in het oog te houden."
Die tactiek is bekend, het belangrijkste
manoeuvre van de vrome moordenaar die zich geroepen voelt mensen te laten weten
dat ze bespioneerd en als verdacht beschouwd worden. Dit alles in
een poging hen zenuwachtig te maken. Maar het werkte niet.
"We leerden nog langer te wachten dan die
persoon zelf en het stopte dan ook."
Tegen het midden van 1984 werd door bepaalde
mensen en omstandigheden de latere verhuizing van het apostolaat van Ottawa
naar Fort Erie, Ontario (aan de andere kant van Lake Erie van Buffalo)
voorbereid, zonder dat iemand er weet van had.
Coralie Graham, de uitgever van The Fatima
Crusader beschrijft wat deze verhuizing voorafging:
"Onze kleine groep (in Fort Erie) werkte eraan
de rozenkrans en de verering van O.L.Vrouw terug in onze Kerk te brengen en bad
privaat voor een Tridentijnse H.Mis. We organiseerden een woensdagavond noveen
aan O.L.Vrouw van altijddurdende bijstand in Sint Michaels Kerk samen met Pater
Patrick Norton. We waren niet de meest welkome aanvulling op het schema van de
kerk en moesten de grote beelden van de H.Jozef en Maria elke week weer terug
mee naar huis dragen. We wilden wat traditioneel materiaal voor de aanwezigen.
Met de hulp van Sint Michaels Kathedraal in Toronto vonden we Pater Gruners
boekje Our Ladys Urgent Appeal. Het telefoonnummer dat erin
vermeld werd was dat van Shirley en Don Pennel, die ons vertelden over Pater
Gruner en ons zijn telefoonnummer in Ottawa gaven."
"Nadat we hem gebeld hadden, kregen we The
Fatima Crusader en boekjes die we lieten uitdelen samen met dozen met
boeken over de H. Alphonsus. Pater kon nooit aan de verleiding weerstaan het
heilig werk van de H. Alphonsus te verspreiden. Dat was het begin van de
boekendienst in Fort Erie."
"Ik woonde de dagelijkse H.Mis bij in het
Redemptoristenklooster aan de Niagara Park-way elke morgen, met de speciale
toestemming van de bisschop, voor ik naar mijn werk ging. Pater Norton, die
kapelaan was en zich voorbereidde voor een reis naar Ierland, kondigde op een
morgen aan dat een bezoekend priester een beeld van O.L.Vrouw van Fatima zou
meebrengen en de H.Mis zou opdragen tijdens zijn afwezigheid."
"De bezoekende priester was Pater Gruner. Mijn
eerste kennismaking met Pater Gruner was door God gezonden aangezien hij de
Tridentijnse H.Mis opdroeg. Ik was mijn dank aan het zeggen vóór
de communie, voor dit wonderlijke antwoord op mijn gebeden, toen ik een
geweldige warmte voelde, vervuld van vrede en geluk. Het vervulde werkelijk de
ruimte. Het was zo intens dat ik opkeek van mijn gebeden alsof ik kon zien wat
ik zo intens voelde. Maar ik kon de oorzaak niet vinden. Minuten later, toen ik
de communierij vervoegde, besefte ik het plotseling. Alle contemplatieve
kloosterzusters, behalve een of twee, die normaal de communie in de hand
ontvingen, waren aan het knielen en ontvingen de hostie op hun tong. Het is me
nu nog steeds zo duidelijk als het toen was dat de Heer een teken gaf van Zijn
tevredenheid om deze gepaste daad van verering en respect. Het beeld van
O.L.Vrouw van Fatima, zoals altijd Pater Gruner vergezellend, was opvallend aan
de voet van het altaar gezet en Haar zoete glimlach leek ook warmte en plezier
uit te stralen om deze kleine daad van verering."
"Met zon kennismaking met Pater Gruner
werd mijn toekomstige werk voor Fatima schijnbaar al beslist."
"Pater Gruner vervolgde zijn bedevaart door de
Niagara streek naar de verschillende kerken en onze kleine rozenkrans groep
woonde de eerste bij. Toen de tweede, dan de derde, totdat we ze allemaal
bijwoonden. De combinatie van Pater Gruners H.Mis en de aantrekkingskracht van
het beeld van de pelgrimerende Madonna was een magneet die ons aantrok, zelfs
op momenten dat we niet van plan waren om te gaan, want God had onze gebeden
beantwoord: we hadden Maria terug en de Tridentijnse H.Mis."
"In mei 1984 ging Pater Gruner in op mijn aanbod
vrijwilligerswerk te doen voor het apostolaat en telefoneerde hij vanuit Ottawa
met de vraag of ik de Canadese bestellingen voor boeken wou behandelen. Ik
bouwde mijn logeerkamer om tot kantoor. Twee anderen, Bernie Dumelie en Frank
Timms, boden aan de bestellingen te registreren op hun computer. Tegen de
herfst hadden we een zo vlot vrijwilligerswerk aan de gang, dat we Pater Gruner
wilden aanzetten te overwegen het apostolaat in Fort Erie te vestigen."
Ze gingen naar Ottawa om te zien hoe hij er
ginds bij zat. Het zag eruit zoals Jane McAuley het beschreven had -
schamel.
"In een klein appartement had hij een tafel,
metalen schappen tegen de wand die vol gestapeld waren met papier en een deur
die van zijn scharnieren gehaald was en geschraagd werd door dozen van The
Fatima Crusader als bureau. In zijn ijskast stonden een kom rijst en een
blikje tonijn, die hij aanbood met ons te delen."
Pater Gruner twijfelde er eerst een tijdje over
of hij naar Fort Erie zou verhuizen en overwoog in de Verenigde Staten zelf te
gaan werken vanuit Constable, New York. Jane McAuley moedigde hem aan Fort
Erie te kiezen, aangezien haar familieleden daar ook als vrijwilligers zouden
willen werken.
In maart 1985 verhuisde het kantoor naar Fort
Erie en Pater Gruner zelf volgde een maand later.
"Ik verhuisde naar Fort Erie met de persoonlijke
toestemming van de bisschop" legt Pater Gruner uit. "Hij wist dat ik niet
zomaar op visite kwam, maar om een eigendom voor het apostolaat te kopen.
Vooraleer ik naar het bisdom van St. Catharines kwam, schreef ik naar Bisschop
Thomas Fulton van St. Catharines. Ik vertelde hem dat ik erover dacht het
kantoor naar hier te verhuizen en vroeg hem of hij daar problemen mee had. Hij
schreef ons eigenlijk terug met de vraag wie ons er wilde. Ik antwoordde hem
persoonlijk door een bezoek aan zijn bureau. Ik was opgelucht zijn mening over
de voorgestelde verhuis te weten te komen toen ik hem ontmoette, tegen Kerstmis
1984. "We leven in een vrij land," zei hij duidelijk, aanduidend dat hij er
geen bezwaar tegen had. Hij klaagde zelfs dat ik niet eerder naar hier gekomen
was, omdat hij me dan wat eigendom van het bisdom had kunnen verkopen. Hij zou
me later aan zijn vrij gegeven toestemming herinneren tijdens een bezoek aan
zijn bureau in augustus 1988."
"Coralie Graham, die haar rozenkransgroep
vertegenwoordigde, nam contact op met Bisschop Fulton ook om hem de vele
handtekeningen van een petitie aan te bieden die het apostolaat en Pater Gruner
toeliet zich hier te vestigen, waarop Zijne Excellentie antwoordde: Dat
zal niet nodig zijn."
"Wat de toestemming betreft, in augustus 1988,
bezocht Mary Sedore, een werknemer en persoonlijke vriendin van Bisschop
Fulton, samen met Coralie Graham en mijzelf de bisschop van Sint Catharina om
over dingen die ons allen aanbelangden te praten. Tijdens deze discussie kwam
de toestemming van de bisschop van 1985 ter sprake en Bisschop Fulton
herinnerde zich, na wat nadenken, dat hij ons inderdaad de toelating had
gegeven het apostolaat binnen zijn bisdom te vestigen in Fort Erie."
"Na juni 1985 vervielen de vergunningen in
Ottawa, aangezien ik tegen dan in Fort Erie woonde. Bisschop Fulton gaf me er
telefonisch nieuwe, elke maand tot november 1987. Toen kreeg ik ze
schriftelijk, voor een periode van zes maanden, tot juni 1988. In januari 1988
schreef hij me een tweede brief waarin hij zei dat er een tikfout in de eerste
had gestaan... dus hij verlengde de toestemming maar voor drie maanden, en dan
verlengde hij ze weer. In feite liepen ze tot 1 juni 1988."
Coralie Graham herinnert zich de eerste dagen na
de verhuis:
"Een maand nadat Pater Gruner naar Fort Erie was
verhuisd, deed ik s avonds en in de weekends vrijwilligerswerk door
boeken te verschepen en administratief werk te doen. Uiteindelijk gaf ik mijn
werk op om fulltime voor het apostolaat te werken. Ik heb het nooit betreurd,
en ik heb nooit over mijn schouder gekeken. Ik leerde zelfs snel dat je leven
wanneer je voor O.L.Vrouw werkt, een exprestrein wordt."
Er waren toch grote teleurstellingen. Het
apostolaat wou zich kandidaat stellen om een verlaten school in Crystal Beach
te kopen, niet ver van Fort Erie. Eerst werden ze tegengehouden door de stad,
die juist speciale voorrechten wou doen gelden om het gebouw zelf te kopen om
het aan een groepering in Fort Erie te geven. Hun plan werd betwist omdat het
illegaal zou zijn en een misbruik van gemeentelijke privileges zou betekenen.
De stad trok zich dan terug.
Men had het apostolaat de vraagprijs voor de
school meegedeeld maar een private consultant raadde aan meer voor het gebouw
te bieden aangezien gebouw en grond veel meer waarde hadden. Het advies werd
opgevolgd en een bod voor verschillende duizenden dollars meer dan het
voorgestelde bedrag, werd gedaan.
De volgende dag kwam het apostolaat te weten dat
de verkoop aan een andere groepering was toegekend, die slechts 45 dollar meer
geboden had, ondanks de duizenden dollars verschil tussen het bod en de
voorgestelde prijs. Dit was verdacht, vooral omdat het apostolaat niet aanwezig
mocht zijn bij het bieden.
Pater Gruner en het personeel hadden geleerd de
effectiviteit van een nummer van The Fatima Crusader te meten aan de
hoeveelheid problemen die ze ondervonden om het uit te brengen. Elke
Crusader waaraan gewerkt werd, werd geblokkeerd door crisissen. Zij voelden
zich verwant aan de pastoor van Ars. Juist op de dag dat ze besloten aan een
nieuwe Crusader te beginnen, brak telkens totale verwarring los -
personeel dat ziek was, waterleidingen die barstten, de verwarming die het
begaf, voertuigen die het niet meer deden, het hele plafond dat lekte door een
stortvloed van een regenbui - op een keer was het zo erg dat ze twee studenten
inhuurden om de hele nacht emmers water te dragen. De elektriciteit die uitviel
door een storm - Pater Gruner heeft aan Crusaders gewerkt bij het licht
van kaarsen recht gehouden in lege frisdrankblikjes. Wanneer machines niet meer
werkten, plakte het personeel er een miraculeuze medaille of een Sint
Benedictus-medaille op, liet Pater Gruner ze zegenen, en ze kwamen weer op
gang.
Als Pater Gruner in de buurt was, moest de
duivel overuren werken om hem te sarren. Wanneer hij weg was, richtte de duivel
zijn aandacht op degenen die achterbleven.
De uitgever van de Crusader vertelt:
"Voor we tot onze huidige omvang gegroeid waren,
werkte ik soms tot 2, 3 of 4 uur in de morgen, alleen in het gebouw. Soms bleven
anderen met me mee werken maar zij vertrokken en zeiden: Ik weet niet hoe
jij s nachts kan werken. Ze hoorden steeds voetstappen op het
dak."
"Als Gruner weg is en belt om te vragen hoe het
gaat, leerde ik uit ervaring dat zo gauw als ik Goed antwoordde de
chaos weer begon. Als hij een uur nadat hij vertrokken was, belde, begon het op
dat moment. Als hij pas drie weken na zijn vertrek belde, bleef de verwarring
ook zolang uit. Ik antwoordde niet meer met Goed op de vraag. Maar
recent vergiste ik me en antwoordde ik Goed, en 60 seconden later
stond er voor mijn bureau een rij mensen met problemen."
Toch helpt de Hemel het apostolaat altijd de
zwaarste moeilijkheden overwinnen, lijkt het, zo lang als ze volhielden en niet
opgaven. Hun geloof liet hen niet in de steek. Wanneer ze voor 750.000 dollar
schulden hadden en geen cent om ze te betalen, bracht Sint Jozef de fondsen aan
om hen erdoor te helpen.
Een directeur van het apostolaat vertelt ons
over een kant van Pater Gruner die alleen maar door de mensen die nauw met hem
samenwerken opgemerkt wordt.
"Pater Gruner neemt zijn taak van rentmeester
van de donaties die binnenkomen zeer serieus. Hoewel hij geen tijd heeft om
ieders persoonlijke zorgen op te lossen, hielp hij jarenlang zelf de post
openen. Hij was geregeld van de kaart door de moeilijkheden en offers van onze
mensen en stond erop dat de vrijwilligers of het personeel geen geld mochten
verspillen."
"Pater Gruner leefde volgens de regels die hij
preekte. Sinds ik hem ken, trok Pater Gruner een schamele som van 500 dollar
per maand uit voor zijn eigen levensonderhoud, voor werkdagen van 18 uur,
zonder ooit vrijaf te nemen. Het is de gewoonte geworden dat ons
Crusader personeel, Pater Gruner inbegrepen, twee dagen en nachten
doorwerkt zonder slaap om de eindmeet te halen. Op zeker een moment hebben we
zelfs volgehouden tot de derde dag. Dat was de keer dat Denise, onze Produktie
Manager, zo moe was dat ze, toen ze op weg naar huis aan een stopteken stopte,
niet meer wist waar ze was."
"Geen taak was te min voor Pater Gruner. Hij
hielp het personeel postzegels likken, omslagen dichtplakken, vrachtwagens
besturen en deed om het even wat nodig was om het werk gedaan te krijgen, om
een stap dichter bij de toewijding van Rusland te komen."
"Tijdens het eerste jaar in Fort Erie huurden we
een oude fabriek die 10 jaar leeg had gestaan. Het dak had gelekt en op de
vloer lagen grote plassen water. We trokken erin en Bernie Dumelie en Frank
Timms, altijd aanwezig met hun hemdsmouwen opgerold, maakten de plaats schoon
en geschikt om in te werken. Bernies zuster, Virginia Halbach, en
moeder, Martha Halbach, waren onze gebedsmachines, ze
offerden rozenkrans na rozenkrans om ons door onze beproevingen heen te
bidden."
"Geld was schaars en Pater Gruner wou geen cent
meer spenderen dan nodig was. Daarom richtte hij in de fabriek een kamer voor
zichzelf in. Zijn eerste jaar daar, had hij geen badkuip, geen warm water, geen
verwarming en geen keukenfornuis of aanrecht. We installeerden een klein
elektrisch verwarmingstoestel in zijn kamer. Hij kon zich alleen maar wassen in
de toiletten van het personeel. Zijn fornuis was een oude petroleumkachel in
het kantoor. Zijn tafel was een oude plank geschraagd door kartonnen dozen
waarin Crusaders hadden gezeten.
"Hij klaagde nooit. We maakten ons allemaal
zorgen, maar hij bleef maar verder sloffen, zoals de H. Louis de Montfort."
"Nu en dan publiceerden degenen die zich
gedroegen als een troep wilde honden die om een stuk vlees vechten, opmerkingen
zoals: Wat doet Pater Gruner met al dat geld ? en dan moest ik
steeds lachen en dacht: Ze zouden maar eens moeten komen kijken. De
giften die Pater Gruner ontvangt, gaan naar de verspreiding van de volledige
boodschap van Fatima. Al wie ons komt bezoeken kan zien dat het niet naar luxe
gaat."
"Wanneer bureaucraten uit Rome probeerden Pater
Gruner uit het apostolaat te zetten en hem ervan te verhinderen over Fatima te
preken door middel van bedreigingen, verdachtmakingen, hem een
vagus te noemen, werden we een bedreigde soort. Maar we zijn er nog
steeds."
*
Het is ook een historisch feit dat de
intensiteit van de oppositie tegen personen die voor O.L.Vrouw werken direct
evenredig is aan de effectiviteit van hun streven. De pogingen om Pater Gruners
apostolaat te verwarren en te controleren waren het spiegelbeeld van de
verwarringen die de boodschap van O.L.Vrouw probeerden te vervormen.
Het Blauwe Leger heeft lang een emotioneel slot
gezet op de harten van de gelovige katholieken die zich herinnerden wat er in
1947 gebeurde en is lang de enige stem geweest die de boodschap propageerde.
Het blijft nog altijd een formidabele vijand van de critici omwille van het
historische sentiment dat het van zijn volgelingen heeft geërfd over de
decennia heen.
In de vroege jaren 80 echter, leek het
erop dat het Blauwe Leger haar karakteristieke onafhankelijkheid en kracht aan
het verliezen was. Hetgeen het meest hun veranderde houding deed vermoeden was
de manier waarop het leger wat de exacte uitvoering van de toewijding van
Rusland betrof, plotseling een soort van politiek relativisme aan de dag
legde.
In een uittreksel uit een interview met Zuster
Lucia, dat in september 1985 in Sol de Fatima (het tijdschrift van de
Spaanse afdeling van het Blauwe Leger) verscheen, werd het geheim van Fatima
beschouwd in het licht van recente gebeurtenissen in de Kerk in 1985. (Het
artikel was van vitaal belang. Het valse interview in Soul
Magazine72 van 1982 was door Abbé Caillon en Pater Paul
Leonard73, onder anderen74, ontkracht en belachelijk
gemaakt.)
Uittreksel uit het interview, gepubliceerd in
september 1985 in Sol de Fatima, Spanje :
Vraag: Op welk moment van het geheim van Fatima
bevinden we ons ?
Zuster Lucia: Ik denk dat we momenteel leven in
de periode waarin Rusland haar fouten doorheen de hele wereld aan het
verspreiden is.
Vraag: Moeten we hieruit opmaken dat Rusland de
hele wereld aan het veroveren is ?
Zuster Lucia: Ja.
Vraag: Johannes Paulus II had alle bisschoppen
uitgenodigd hem te vergezellen in de toewijding van Rusland, die hij op 13 mei
1982 in Fatima ging uitspreken en die hij aan het einde van het Heilige Jaar in
Rome op 25 maart 1984 voor het originele beeld van O.L.Vrouw van Fatima ging
hernieuwen. Heeft hij daardoor niet uitgevoerd wat er in Tuy gevraagd werd ?
Zuster Lucia: De bisschoppen hebben niet
meegedaan en Rusland werd niet vermeld.
Vraag: De toewijding is dus niet uitgevoerd op
de wijze die O.L.Vrouw had gevraagd ?
Zuster Lucia: Neen. Vele bisschoppen hechtten
geen belang aan dit feit.
Zo stond het vesting van het Blauwe Leger er
voor, toen het enkele elementaire veranderingen onderging in 1985-86. De
veranderingen hadden plaats tegen een achtergrond van erg precieze en
specifieke zorgen van de Heilige Vader. Hamish Fraser legde uit:
"In verband met ten minste een ding kan er geen
twijfel bestaan - het besef van de Heilige Vader van de noodzaak van de
collegiale toewijding van Rusland... Want in twee jaar tijd heeft hij de wereld
al drie keer toegewijd ... en op de derde keer (25 maart 1984) heeft hij de
bisschoppen gevraagd mee te doen ... in het uitspreken van de toewijding."
"Bovendien zei hij op elke gelegenheid dat hij
besefte ... dat de toewijding zoals ze door O.L.Vrouw was gevraagd nog moest
uitgevoerd worden."
"Laat daarom niemand doen alsof de collegiale
toewijding van Rusland... de Heilige Vader75 niet bezighoudt."
Waarom is ze dan niet naar behoren uitgevoerd
?
"Uit de ongerustheid van de Heilige Vader
omtrent de towijding enerzijds, en de schandalige vijandelijkheid die het
(zijn) verzoek om de deelname van de bisschoppen in de toewijding van 25 maart
1984 uitlokte anderzijds, kunnen we met morele zekerheid afleiden dat een ding
in het bijzonder tot nu toe de Heilige Vader verhinderd heeft het bevel te
geven dat de bisschoppen van de universele Kerk hem moeten vergezellen ... in
de toewijding van Rusland; namelijk zijn vrees dat deze daad een formeel
schisma zou kunnen uitlokken." (schuin schrift toegevoegd door de
auteur)
Waarom werken de bisschoppen O.L.Vrouw van
Fatima tegen ? Eens te meer biedt Hamish Fraser een verbazingwekkende
uitleg.
"Er zijn verschillende redenen waarom zoveel
bisschoppen letterlijk rood worden wanneer de boodschap van Fatima vernoemd
wordt":
"1) Fatima veroordeelt de nieuwe catechismus! In
vele door het episcopaat goedgekeurde catecheseteksten, wordt de hel amper
vernoemd, en dan zeker niet als iets dat heel serieus genomen moet worden. Dit
ondanks het feit dat de Maagd in de Cova . . . het nodig vond de drie jonge
zieners een afschrikwekkend visioen van de hel te geven:"
"2) Fatima keurt seksuele opvoeding af! Vele
bisschoppen hebben in tegenspraak met zowel Humane Vitae als
Familiaris Consortio, die de noodzaak van zedigheid en kuisheid en de zonde
van de contraceptie benadrukken, katholieke scholen verdachte vormen van
seksuele opvoeding opgelegd, waarvan er sommigen grenzen aan pornografie.
O.L.Vrouw...deed enorme moeite om de noodzaak van strikte trouw aan de morele
leer van de Kerk en vooral de noodzaak van zedigheid en kuisheid te
benadrukken. Ze zei aan Jacinta, de jongste van de drie zieners: De
zonden die de meeste zielen naar de hel leiden, zijn de zonden van het
vlees76."
Zoals Jacinta zelf later herhaalde: "De Moeder
van God wilt dat meer maagdelijke zielen zich aan de gelofte van kuisheid
zouden binden. Wee de vrouwen die het aan zedigheid
ontbreekt77."
Hamish gaat verder, "De vrees van de Paus is
gebaseerd op zijn besef dat een werkelijk episcopaal schisma al wijdverspreid
is in verschillende delen van de wereld ... In een tijdperk waarin grote
aantallen bisschoppen geobsedeerd zijn door de notie van collegialiteit, wekt
niets bij hen grotere woede op dan eraan herinnerd te worden dat de Koningin
van de Hemel geëist heeft dat ze collegiaal samen met de Paus Rusland aan
Haar Onbevlekt Hart toewijden."
"Met andere woorden, de eerste en belangrijkste
reden waarom Fatima ondraaglijk is voor zoveel bisschoppen, en waarom zij ook
problemen hebben met de pauselijke autoriteit, is dat terwijl
vòòr Vaticaan II de Pausen Rusland consequent als
intrinsiek slecht hadden veroordeeld, de meeste episcopale
conferenties sinds Vaticaan II er nu lijken van uit te gaan dat niet het
communisme, maar het anticommunisme onder om het even welke vorm
intrinsiek slecht is."
"Waarom dateert deze verandering in de
episcopale houding van Vaticaan II ? Hoofdzakelijk omwille van de
Vaticaan-Moskou overeenkomst die het Kremlin verzekerde dat als er Russische
Orthodoxe waarnemers naar Vaticaan II gestuurd zouden worden, het communisme
niet behandeld zou worden door het concilie. Dat werd het ook niet. Het was
door deze misdadige nalatigheid dat het na het tweede concilie mogelijk werd
voor te wenden dat het communisme geoorloofd was geworden en dit zelfs in naam
van het concilie te doen. Deze criminele nalatigheid is er de reden van dat het
mogelijk werd een alliantie tussen katholieken en communisten te vormen en een
Bevrijdingstheologie" te schrijven, die simpelweg revolutionair marxisme
is in een christelijke vermomming."
"In het kort," zegt Hamish, "als zoveel
bisschoppen de boodschap van O.L.Vrouw van Fatima verachten is dit zo omdat
haar verwijzing naar de fouten van Rusland een veroordeling inhoudt van het
beleid van bijna alle door het episcopaat goedgekeurde Gerechtigheids- en
Vredes Commissies en dat van katholieke Ontwikkelings-agentschappen
zoals CAFOD (Engeland), SCIAF (Schotland), Trocaire (Ierland) en CCFD
(Frankrijk). Want deze organisaties geven vandaag de revolutie een
basis voor het volksfront dat ze zo graag wou opzetten tegen de
besliste oppositie van de pre-conciliaire Kerk; een volksfront dat
overal subversie promoot door christenen en vooral katholieken te mobiliseren
om de revolutionaire strijd te steunen, vooral in de Filipijnen, Zuid Afrika,
en Centraal Amerika, gebieden die Moskou zeker wil destabiliseren om haar
imperialistische ambities te voltooien."
"Om volstrekt eerlijk te zijn, als de Heilige
Vader het tot nu toe niet mogelijk heeft gevonden om aan het verzoek van de
Hemel te voldoen, is dit omdat hij er zich van bewust is dat hij nu met een
hoop modernistische bisschoppen, die alleen in naam katholiek zijn, moet
wedijveren, het gevolg van een beleid dat nagestreefd werd door
post-conciliaire nuntiussen en apostolische gezanten."
"Daarom is er maar één manier
waarop de Heilige Vader de eis van O.L.Vrouw van Fatima kan opvolgen. Hij zou
verplicht zijn alle bisschoppen te bevelen hem collegiaal te vergezellen in de
toewijding van Rusland aan Marias Onbevlekt Hart en hen uit hun ambt te
zetten in het geval dat ze weigeren ..."
"Het is inderdaad twijfelachtig dat er in het
verleden ooit een paus geweest is die zo geconfronteerd werd met omstandigheden
die zo vooringenomen waren tegen het uitoefenen van Pauselijke autoriteit, als
nu, in het spoor van Vaticaan II. Het is zeker dat niemand die de huidige
situatie volledig begrijpt, zo dom zou zijn de Heilige Vader te berispen of
zelfs maar af te keuren omdat hij tot nu toe niet in de mogelijkheid heeft
verkeerd te doen wat manifest nodig is om de katholieke orde te
herstellen."
"En dit ondanks het feit dat actie manifest
noodzakelijk is. Het is noodzakelijk omdat, hoe langer het feitelijk schisma
getolereerd wordt, hoe meer weerspannig de bisschoppen zullen worden, want elke
dag geraken ze meer gewoon hun zin te krijgen, namelijk al de voordelen van een
feitelijk schisma te kunnen genieten en geen van de nadelen van een formeel
schisma te moeten dragen."
"Bovendien wordt, hoe langer het feitelijk
schisma bestaat, de waarschijnlijkheid groter dat die bisschoppen hun kudde
meeslepen in het geval van een formeel schisma78."
Hamish verkondigde dit in november 1985 op de
eerste Fatima Conferentie in Vaticaanstad die door Pater Gruner gesponsord
werd. Er is in de Kerk en de wereld veel gebeurd in de voorbije elf jaar om de
houding van de bisschoppen tegenover de toewijding van Rusland te veranderen.
Niet in het minst de aanhoudende campagne door Pater Gruner en zijn medewerkers
om de bisschoppen te leren over het bevel van O.L.Vrouw van Fatima.
Hamish stierf in oktober 1986. Ongetwijfeld
worden er vandaag nog altijd bisschoppen opgezet tegen de toewijding omwille
van de motieven die Hamish hierboven beschreef. Niettemin, had hij vandaag nog
geleefd, hij zou misschien geneigd zijn te concluderen, zoals Pater Gruner dat
deed uit zijn uitgebreide correspondentie en persoonlijke gesprekken met
bisschoppen, dat de meeste bisschoppen, eens ze fatsoenlijk geïnformeerd
zijn over Fatima, waarschijnlijk de Heilige Vader zouden vergezellen in zijn
toewijding van Rusland, als hij hen dit zou vragen. Dit standpunt werd
publiekelijk ingenomen door Aartsbisschop Milingo in zijn toespraak op de
Fatima Vredesconferentie die in november 1994 werd gehouden in Mexico. (Zie
Appendix IV.)
In 1985-1986 begonnen
semi-officiële bronnen en het Blauwe Leger, ondanks al de
bewijzen van het tegendeel, te publiceren en vol te houden dat de toewijding
eindelijk uitgevoerd was op 25 maart 1984, in Rome.
Waarom dan, blijft het Blauwe Leger, tegen al de
voorhanden zijnde bewijzen in, verwarring verspreiden ? Het Blauwe Leger bleek
geïnfiltreerd en gecompromitteerd. Volgens Pater Leonard: "De leiding van
het Wereld apostolaat van Fatima (alias het Blauwe Leger) heeft koppig en
ongestraft de boodschap van O.L.Vrouw vervalst in een poging om de
tegenstrijdigheid tussen de boodschap van Fatima en de Vaticaan-Moskou
overeenkomst te doen verdwijnen en beide met elkaar te
verzoenen79.
In het nummer van Soul Magazine van
maart/april 1986 lezen we op pag. 22: "De collegiale toewijding (werd) ...
uitgevoerd door Paus Johannes II samen met alle bisschoppen van de wereld op
het Sint Pietersplein op 25 maart 1984 ... Daar sprak de Paus samen met alle
bisschoppen van de wereld de toewijding van Rusland aan het Onbevlekte Hart van
Maria uit. Zoals het in de verschijningen van 13 juni 1929 gevraagd
was.
Dan staat er op pagina 9 van hetzelfde nummer:
"De Heilige Vader ging verder en wijdde de wereld toe aan het Onbevlekte Hart
van Maria ... in overeenstemming met het verzoek van O.L.Vrouw toen Zij zei:
Ik zal om de toewijding van de wereld aan mijn Onbevlekte Hart
vragen...80"
Bij zon duidelijke misinterpretatie van de
gekende feiten in het tijdschrift nam Pater Leonard, aangemoedigd door Pater
Gruner, de verdediging van O.L.Vrouw op zich, uitdrukkelijk zeggend dat
O.L.Vrouw nooit om de toewijding van de wereld had gevraagd maar
duidelijk...Rusland had gespecificeerd. Pater Leonard zag de redenering die
hier achter stak klaar in en verwoordde ze in scherpe zinnen :
"De ware boodschap van O.L.Vrouw van Fatima werd
verborgen omdat ze niet overeen kwam met kardinaal Casar ...
pro-communistische Vaticaan-Moskou ostpolitik81."
Wat Pater Leonard bedoeld is dat deze
desinformatie opzettelijk gebeurde om zoveel verwarring rond de kwestie van de
toewijding82 te zaaien dat de leken afhaakten en de Paus geen bron
van steun in hen zou vinden. Dit doet ons denken aan wat Pater Jozef de
Sainte-Marie zei over de verwarring die door het Blauwe Leger en Soul
Magazine gezaaid werd rond de toewijding in 1982/83: "Tot nu hebben ze
de verwarring van geesten, de verdeling van harten en de verspilling van
krachten veroorzaakt.83"
Dit "listige plan moest een verborgen maar
niettemin duidelijk doel bereiken: een eind maken aan de publieke
campagne voor de collegiale toewijding van Rusland aan het Onbevlekte Hart van
Maria84," zei Pater Leonard over de leiding van het Blauwe
Leger.
Het leek er wel op of, eens onder de mantel van
het Blauw Leger, de meest eerbiedwaardige Amerikaanse bisschoppen zich
verplicht voelen de gelovigen af te leiden van wat O.L.Vrouw aan de
hiërarchie gevraagd heeft, om integendeel de last van deze smeekbede te
leggen op de gelovigen die O.L.Vrouw toch al gehoorzaamden. De Voorzitter van
het Blauwe Leger in de Verenigde Staten, Bisschop Jerome J. Hastrich,
verkondigde in Soul Magazine van maart/april 1984, op pag. 5: "We zouden
misschien wel expliciet voor Rusland willen bidden als we dat zouden wensen,
maar in onze openbare toespraken vermijden we liever de delicate balans
te verstoren in internationale kwesties, waarvoor de Heilige Stoel zoveel
moeite moet doen om ze onder controle te houden. We moeten afzien van het
vervullen van het verzoek van O.L.Vrouw opdat we de communisten niet zouden
beledigen, want zelfs Russen die geen christenen zijn hebben misschien een
afkeer van de idee dat ze bekeerd moeten worden."
In een verklaring die hen weinig vrienden in het
Vaticaan zou maken, antwoordden Pater Gruner en Leonard met de volgende
samenvatting: "Het Blauwe Leger is veranderd in een instrument in de
Vaticaan-Moskou ostpolitik van kardinaal Casaroli, dat de Paus en de
bisschoppen ervan moest verhinderen de wens van O.L.Vrouw van Fatima uit te
voeren, dit alles omwille van een kortzichtige politiek van verzoening,
compromis en overgave aan het communisme."
Pater Gruner bleef zijn belangrijkste punt
doordrukken: God eist de plechtige openbare toewijding van Rusland door de Paus
en al de bisschoppen van de wereld. God eist bovendien dat dit in deze
generatie gebeurt.85
De Vaticaan-Moskou overeenkomst had in feite een
wig tussen Pater Gruners apostolaat en het Blauwe Leger gedreven.
"We kunnen niet akkoord gaan met John Hafferts
visie dat het Vaticaan Moskou te slim af was in deze overeenkomst en dat door
deze overeenkomst de Kerk beter af is86."
"Het communisme voert meer dan alleen maar een
woordenoorlog. Het is een totale oorlog op alle fronten tegen
God..87."
"Het gevecht door de militante atheïsten
van het Oosten en het Westen is op een punt gericht: de katholieke Kerk. Beiden
proberen gelovigen weg te rukken van de uitoefening van hun geloof, van het
Woord van God, van gebed en de sacramenten, het middel tot de genade die we
allemaal nodig hebben om onze zielen te redden88."
Pater Leonard voegde eraan toe: "kardinaal
Casaroli, die Staatssecretaris aan het hoofd van het hele Vaticaans diplomatiek
corps is, houdt nog steeds vast aan de Vaticaan-Moskou overeenkomst. Hij
demonstreerde dit recent door duidelijk te maken dat hij geen
verantwoordelijkheid opnam voor de anti-communistische inhoud van de richtlijn
over bevrijdingstheologie die op 3 september 1984 door kardinaal Ratzinger
uitgegeven werd en hij ontkende dat hij voor deze richtlijn zelfs maar
geraadpleegd zou zijn89."
De Voorzitter van het Blauwe Leger van de
Verenigde Staten, Bisschop Hastrich, stelde in het nummer van maart/april 1984
van Soul Magazine (dat verscheen voor de toewijding van 1984) dat in
plaats van voor de bekering van Rusland te bidden, "We eerder zouden moeten
bidden dat leden van het Blauwe Leger zo zouden bidden en vasten dat ze zelf
grondig bekeerd worden...bidden voor de bekering van Rusland mag
dan al lijken op een stier een rode vlag voorhouden ... en zo kan het misschien
veiliger zijn te bidden voor wereldvrede."
Zo intens was hun wens de campagne voor de
toewijding eens en voor altijd te stoppen, dat de dromers uit het
oog verloren wat de Sovjets eigenlijk allemaal zeiden en deden. Op het einde
van november 1986 vroeg Sovjetleider Michael Gorbachow, in een toespraak in
Tashkent, om een "stevige en compromisloze strijd tegen religieuze fenomenen."
Tot zover de verandering in de Sovjet Unie. Tot zover de bekering van Rusland.
Tot zover de toewijding van 1984.
Gorbachow verklaarde: "We moeten vooral streng
zijn met communisten en ervaren ambtenaren, vooral diegenen die zeggen dat ze
onze moraal en idealen verdedigen maar in feite helpen de achterlijke inzichten
te verspreiden en zelf deelnemen aan godsdienstige
plechtigheden90."
De timing en de locatie van de toespraak gaven
Moskous zorgen weer om de Islamitische fundamentalistische wederopstanding,
Tashkent was immers het centrum van een voornamelijk Islamitische bevolking. De
voorkeur die de media voor Gorbachow hadden kennende, was het niet
verwonderlijk dat ze deze blunder in het anders zo gladde publieke optreden van
de leider niet uitzonden of publiceerden. Stel je toch maar de krantenkoppen
voor in het geval hij deze uitspraak in, zeg maar, Rome zelf had gedaan.
Ongetwijfeld zouden zelfs die bisschoppen die
nog steeds verrukt waren door de desoriëntatie van de Vaticaan-Moskou
overeenkomst, redenen gevonden hebben om Gorbachows toespraak te bejubelen.
Als reactie hierop is de boodschap van Pater
Gruner tijdens de laatste jaren meer en meer scherp geworden. Hij
zegt..."ALLEEN O.L.Vrouw kan ons helpen, zoals Zij Zelf in Fatima duidelijk
benadrukte. Alleen wanneer de Paus en de bisschoppen aan haar verzoek voldoen
door op hetzelfde moment tijdens een plechtige en openbare dienst Rusland aan
het Onbevlekte Hart van Maria toe te wijden, kan er vrede zijn. Er is zeker en
vast geen enkele andere oplossing."
Pater Gruner had voor zichzelf en het apostolaat
een route in kaart gebracht die hen binnen het bereik van de Vaticaanse
bureaucratie zou brengen. In feite was het toezicht al begonnen. |